p g , j was een hoop geluk bij komen kijken en het had ook niet echt de aandacht getrokken. In de kampioenscompetitie had ik een paar keer flink op mijn falie gehad, één partij gewonnen uit verloren positie en verder veel benauwde remises gespeeld. Extern was het nog beroerder: wat slechte partijen als invaller in N1 en mijn team K3 was weliswaar op wonderbaarlijke wijze gepromoveerd, maar mijn aandeel als teamleider en chauffeur was daarin groter geweest dan als speler met een score onder de 50%. Bovenal was ik somber en ontevreden over de kwaliteit van mijn partijen. Niet alleen tactisch, maar ook strategisch maakte ik de vreemdste blunders en speelde ik bangelijk en passief. En alles wat ik een keer bestudeerd had, was binnen de kortste keren volledig uit het geheugen gewist en vervangen door onzinvarianten en -ideeen. Kortom: seniele aftakeling, alleen te vertragen door ijverige studie, veel spelen en een geniet gelukkig van. Dit seizoen zou ik het als interne wedstrijdleider zeker niet beter doen. Mijn voorganger Peter had vorige seizoenen ook al flink ingeleverd door de last van het wedstrijdleiderschap en hij was nog jong, ijverig en (soms iets te) ondernemend achter het bord. Er was één miniem kansje om toch nog iets van het seizoen te maken: De strijd om de HWP-beker! Het gaat maar om maximaal zes partijen, door een gunstige loting kun je relatief makkelijk een ronde verder komen, terwijl intussen je sterkste concurrenten elkaar uitschakelen. Dus de geluksfactor is groter dan normaal en van geluk zal ik het moeten hebben. Het feit dat je moet winnen (beslissingsvluggertjes zijn voor mij normaal gesproken kansloos) maakt dat ik wat meer risico neem en mijn laffe passiviteit van me afwerp. Bovendien weet je van tevoren tegen wie je speelt en met welke kleur, zodat voorbereiding mogelijk is. En ook daarbij kun je 38 HWP Haarlem Jaarboek 2025/2026 g geslepen mes loopt. Al eerder had het bekertoernooi voor mij een verloren seizoen gered. In 2005 veroverde ik de beker na een seizoen waarin ik mij uit walging over mijn eigen spel terug had getrokken uit de Keizercompetitie en amper extern speelde. In de halve finale tegen René in ‘t Veld overleefde ik toen een stelling waar de computerevaluatie al naar min oneindig uitsloeg, maakte remise en won zowaar het beslissingsvluggertje door René in het beruchte K+T+L tegen K+T eindspel mat te zetten. In de finale klopte ik Jeroen Schuil met een voorbereid variantje in een scherpe Nimzo-indiër, die ik een paar maanden eerder nog kansloos van hem had verloren. Dus van de beker moest het dit seizoen komen, nam ik mij voor. Meteen al in de eerste ronde lacht het geluk mij toe. De loting doe ik als wedstrijdleider zelf met behulp van het indelingsprogramma Sevilla. Terecht wordt in de loop van het seizoen opgemerkt dat dit de schijn van p g g p dure voor de komende jaren! Terwijl cupfighters als Jan Burggraaf en Hubrecht van den Brekel tegen elkaar spelen (Jan wint) loot ik met zwart tegen Joop Verburg, van wie ik normaal gesproken moet kunnen winnen. In de opening krijg ik al een kans om fors in het voordeel te komen, maar die mis ik, en na een zet of twintig kan Joop met een dameuitval afwikkelen naar een overzichtelijke gelijke stand. Maar Joop is iets te voorzichtig, doet een verzwakkende pionzet en in deze stelling kan ik uithalen. j we in de kampioenscompetitie gespeeld en toen verloor ik vrij kansloos na een misplaatste aanvalspoging in een ongeveer gelijke stelling. Tijd voor voorbereiding heb ik nauwelijks, maar in een Catalaan bereik ik na wat duwen en trekken een prettige stelling g 21.fxe3 Dxe3+ 22.Kg2 Pc5 23.Lxf7+ Kxf7 24.Te1 Dh6 na 24...Dd3 komt 25.Df2! Pxe4 26.Pe5+ Kf8 27.Pxd3 Pxf2 28.Pxf2 25.b3! Pd3 26.bxc4! Het teruggeven van de kwaliteit is het sterkste. Wit is nu heer en meester op de damevleugel en in het centrum en de zwarte koning staat ook niet veilig 26...Pxe1+ 27.Txe1 bxc4 28.Dxc4 Tc8 29.Db3 La6 30.d6+ Kf8 31.d7 Td8 32.Da3+ Kf7 33.Dxa6 met stukwinst. Olaf speelt nog door tot het mat. 19.Lh3?! Lijkt aardig, maar met simpel schaak was meer te bereiken 19.dxe6! Pe5 (19...Dxe6? 20.Txd7 en wint; 19...Lxe3 20.exd7 met groot voordeel) 20.Pxe5 fxe5 Hier komt 22...Pxg2! 23.Txe8 Txe8 24 Kxg2 Dg4+ en zwart wint snel. Ik sta verbaasd over mezelf. Mijn eerste fatsoenlijke partij in maanden! En nu al in de kwartfinale van de beker! In deze ronde valt ratingfavoriet Tim Mazajchik uit. Niet door een nederlaag, maar hij moet zich terugtrekken omdat zijn drukke programma in de kampioenscompetitie en de KNSB-beker geen ruimte overlaat om zijn g voor zwart en daarmee kan ik Bart verrassen. De uitgangspositie, die Bart en ik in 1992 al voor het eerst op het bord hadden. 9...Da5 Dit is de zet die in de databases het best scoort en ook volgens de engines OK is. Indertijd deed ik 9...f6, wat ook gaat. Een paar maanden voor deze partij speelde ik in een bondswedstrijd, waar ik deze variant na 30 jaar weer eens op het bord kreeg het mindere 9...Ph6? 10.e6! 0-0 11.Lxg7 Kxg7 12.Dd4+ ‘ Ik sta verbaasd over mezelf. Mijn eerste fatsoenlijke partij in maanden! ’ 21.Td1 Lxe5 en zwart staat iets beter 13.Ld2 Tb7!? Nog een verrassende zet. 13...Txb1 had ook gekund, maar dan heeft wit compensatie. Nu had hij dat ook kunnen krijgen met het verrassende 14. g4!, maar vind dat maar eens! Het psychologisch effect van mijn voorbereiding is zo groot dat Bart in het vervolg niet te veel meer tegenstribbelt en ik vrij makkelijk win. Weer een goede partij van mij, maar wel met de mazzel van mijn voorbereiding. Voor de halve finale plaatsen zich naast mij ook Peter Beerens, die snel van Jeroen Schoonackers wint, Herwig Devolder, die Jan Burggraaf uitschakelt, en Michael Kubbenga, die met sterk positiespel de verrassende Korneel Joppe op zijn plaats zet. En weer is het lot mij goed gezind en koppelt Sevilla mij aan de op rating zwakste opponent, Michael Kubbenga, met wit. De partij tegen Michael zet mij weer met beide benen op de grond. Ik win, maar pas na door diepe dalen te zijn gegaan. HWP Haarlem Jaarboek 2025/2026 39 >
39 Publizr Home